Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 28 januari 2022 in de zaak tussen
de Inspectie van het Onderwijs, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Aanleiding voor deze zaak
derdelid van artikel 23a1 van de WVO. Net als partijen ziet de rechtbank het noemen van het vierde lid in plaats van het derde lid als een kennelijke vergissing van de wetgever. Uit de wetsgeschiedenis volgt dat de wetgever uitdrukkelijk de mogelijkheid van bezwaar en beroep tegen een inspectierapport met het oordeel zeer zwak heeft willen regelen. [4] Er wordt hierbij geen onderscheid gemaakt tussen een oordeel zeer zwak op grond van het eerste en het derde lid van artikel 23a1 van de WVO. Steun voor deze zienswijze vindt de rechtbank in de in januari 2021 aangekondigde wijziging van artikel 20, zesde lid, van de WOT. Zodra de WVO 2020 in werking treedt, zal worden verwezen naar het eerste en het derde lid. [5] De rechtbank komt daarom tot de conclusie dat het inspectierapport een besluit is in de zin van de Awb en dat daartegen beroep openstaat.
- eerste lid: de kwaliteit is zeer zwak indien de leerresultaten ernstig en langdurig tekortschieten èn de school in verband daarmee tekortschiet in de naleving van een wettelijk voorschrift;
- tweede lid: de leerresultaten zijn onvoldoende indien de gemiddelde eindexamenresultaten en het doorstroomrendement, gemeten over een periode van drie schooljaren, onder de norm liggen;
- derde lid: als de leerresultaten niet kunnen worden beoordeeld is de kwaliteit zeer zwak indien de school tekortschiet in de naleving van twee of meer wettelijke voorschriften én daardoor de veiligheid op school of het ononderbroken ontwikkelingsproces of de afstemming van het onderwijs op de ontwikkelingsvoortgang van de leerlingen tekortschiet;
- vierde lid: er worden regels gesteld voor de meting van de leerresultaten en de normering en de gegevens die ten minste beschikbaar moeten zijn om de leerresultaten te beoordelen.
- bijlage A bevat de normering van de vier geldende indicatoren: de onderbouwsnelheid, de bovenbouwsnelheid, het niveau in het derde leerjaar ten opzichte van het schooladvies (opstroom) en de examencijfers;
- bijlage B bevat de aard en de aantallen van de benodigde gegevens. Het oordeel over de leerresultaten is gebaseerd op gewogen driejaargemiddelden van de indicatoren. Als er slechts één of geen jaarscore berekend kan worden, dan kan het driejaargemiddelde niet bepaald worden. Een driejaargemiddelde en dus de kwalificatie kan bij twee jaarscores alleen bepaald worden als het laatste jaar aanwezig is.
De bij de beoordeling betrokken feiten en omstandigheden
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 28 januari 2022.