Eisers parkeerden hun auto's op fiscale parkeerplaatsen in Amstelveen en werden negen minuten later door een scanauto geregistreerd zonder dat zij parkeerbelasting hadden betaald. Zij betaalden de belasting vervolgens binnen die negen minuten nadat zij waren aangesproken door een handhaver en navraag hadden gedaan naar de dichtstbijzijnde parkeerautomaat.
De heffingsambtenaar stelde dat de naheffingsaanslagen terecht waren opgelegd omdat de belasting bij aanvang van het parkeren verschuldigd is. De rechtbank oordeelde dat een redelijke tijd voor het voldoen van de belasting moet worden gegund, mits de uitvoeringshandelingen onverwijld worden gestart en voortgezet.
De rechtbank concludeerde dat eisers direct na het parkeren handelden om de belasting te voldoen en dat de negen minuten onder de gegeven omstandigheden niet onredelijk lang waren. De heffingsambtenaar had aan zijn informatieplicht voldaan door het plaatsen van borden die het parkeerregime kenbaar maakten.
Daarom werden de beroepen gegrond verklaard, de uitspraken op bezwaar en de naheffingsaanslagen vernietigd. De heffingsambtenaar werd veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht aan eisers.