ECLI:NL:RBAMS:2022:3898
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor dakverhoging wegens strijd met bestemmingsplan Tuin-3
Eiser, mede-eigenaar van een appartement in een rijksmonument, verzocht om een omgevingsvergunning voor het verhogen van het dak van een zijaanbouw, het plaatsen van daklichten en het vernieuwen van kozijnen. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam weigerde deze vergunning omdat het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan "Westelijke Binnenstad" dat de locatie bestempelt als "Tuin-3". Deze bestemming laat geen verhoging van gebouwen toe en beschermt het groene karakter van binnentuinen.
Eiser stelde dat de bestemming ten onrechte als "Tuin-3" was vastgesteld en dat de vergunning uit 2017 voor het gebruik als zelfstandige woning een andere bestemming "Gemengd-1" impliceert. Ook voerde hij aan dat de bouwhoogte feitelijk niet zou toenemen omdat een lichtkoepel zou verdwijnen. De rechtbank oordeelde dat de bouwhoogte wordt bepaald door de contouren van het gebouw en dat de verhoging wel degelijk plaatsvindt.
De rechtbank vond dat het college voldoende had gemotiveerd dat het bouwplan leidt tot meer verstening en een onevenredige aantasting van de ruimtelijke kwaliteit. Het belang van het behoud van de openheid en het groene karakter van de binnentuinen weegt zwaarder dan het belang van eiser om zijn woning uit te breiden. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet, omdat de situatie van een ander adres niet vergelijkbaar is.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning voor dakverhoging wordt ongegrond verklaard.