Klager diende een klaagschrift in op grond van artikel 552a Sv tegen het beslag op zijn motor, een Yamaha. Hij stelde eigenaar te zijn en onderbouwde dit met bewijsstukken, waaronder een verklaring van de vorige eigenaar. De motor was op 5 september 2021 in beslag genomen.
Het Openbaar Ministerie verzette zich tegen teruggave, stellende dat het belang van strafvordering het beslag noodzakelijk maakte. De rechtbank voerde een raadkameronderzoek uit, waarbij werd vastgesteld dat de procedure summier van aard is en geen inhoudelijke beoordeling van de hoofdzaak vereist.
De rechtbank oordeelde dat klager voldoende aannemelijk had gemaakt eigenaar en rechthebbende van de motor te zijn. Het belang van strafvordering rechtvaardigde het voortduren van het beslag niet, omdat het onderzoek niet meer noodzakelijk was om de waarheid aan het licht te brengen.
Daarom werd het beklag gegrond verklaard en gelast dat de motor aan klager wordt teruggegeven. Tegen deze beschikking staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad binnen veertien dagen na betekening.