ECLI:NL:RBAMS:2022:4959
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Officier van Justitie niet-ontvankelijk in ontnemingsvordering wegens te laag bedrag
De rechtbank Amsterdam behandelde op 17 augustus 2022 een ontnemingsvordering van de officier van justitie tegen verdachte, waarbij werd gevorderd om een bedrag van maximaal €200,- aan wederrechtelijk verkregen voordeel vast te stellen en te ontnemen.
Tijdens de terechtzitting van 3 augustus 2022 heeft de rechtbank kennisgenomen van de vordering en de verweren van de raadsman van verdachte, die een verklaring gaf over de herkomst van het geld en de inconsistenties in het verhaal van de aangever benadrukte.
De rechtbank oordeelde dat de Aanwijzing afpakken voorschrijft dat bij commune delicten een minimale ontnemingsvordering van €500,- geldt. Aangezien het gevorderde bedrag lager was en er geen bijzondere omstandigheden waren om hiervan af te wijken, verklaarde de rechtbank de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vordering.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard in de ontnemingsvordering wegens het te lage gevorderde bedrag.