De rechtbank Amsterdam heeft verdachte veroordeeld voor het meermalen bedreigen van twee advocaten en hun kantoorgenoot met ernstige dreigementen via audioberichten op WhatsApp in mei 2021. De bedreigingen betroffen onder meer het uitspreken van gewelds- en levensbedreigende taal en het aankondigen van een gewelddadige confrontatie op het advocatenkantoor.
De rechtbank baseerde haar oordeel op de bekennende verklaring van verdachte tijdens de zitting en de aanwezige bewijsmiddelen in het dossier. Verdachte erkende het feit en gaf aan dat hij zich realiseert dat zijn gedrag onacceptabel was. Psychologisch onderzoek wees uit dat verdachte lijdt aan een periodieke explosieve stoornis, waardoor zijn toerekeningsvatbaarheid verminderd is.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de bedreigingen, het feit dat deze gericht waren tegen professionele hulpverleners, en de eerdere justitiële documentatie van verdachte. Hoewel een gevangenisstraf passend werd geacht, werd een groot deel daarvan voorwaardelijk opgelegd met een proeftijd van twee jaar, mede vanwege de verminderde toerekeningsvatbaarheid en het positieve gedrag van verdachte sinds het voorarrest.
Verdachte weigerde mee te werken aan een behandeling voor zijn stoornis, maar de rechtbank achtte dit niet verwijtbaar gezien zijn aandoening. De straf bestaat uit 30 dagen gevangenisstraf, waarvan 22 dagen voorwaardelijk, met aftrek van de tijd in voorarrest. Het vonnis werd uitgesproken op 13 juli 2022 door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Amsterdam.