ECLI:NL:RBAMS:2022:586
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen opname DNA-profiel minderjarige veroordeelde mishandeling ongegrond verklaard
Een minderjarige is veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 60 uur wegens mishandeling. Tegen de opname van zijn DNA-profiel in de DNA-databank is bezwaar gemaakt op grond van artikel 7 van Pro de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. De minderjarige stelde dat opname disproportioneel is, gezien zijn leeftijd, het feit dat hij begeleiding krijgt en de positieve ontwikkelingen.
De rechtbank heeft het bezwaar inhoudelijk onderzocht. De straf is opgelegd vanwege een ernstig feit met letsel, bevestigd door het gerechtshof. De Wet verplicht opname van DNA-profielen, tenzij uitzonderingen van toepassing zijn. De rechtbank overweegt dat de minderjarige weliswaar jong was, maar de omstandigheden en het recidivegevaar maken de uitzonderingen niet van toepassing.
De rechtbank concludeert dat het bevel tot DNA-afname voldoet aan de wettelijke eisen en dat de opname niet disproportioneel is. Het bezwaar wordt daarom ongegrond verklaard. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het bezwaar tegen opname van het DNA-profiel van de minderjarige wordt ongegrond verklaard.