De rechtbank Amsterdam heeft op 23 september 2022 een tussentijdse toetsing uitgevoerd van de ISD-maatregel die op 9 oktober 2020 aan de veroordeelde is opgelegd. De maatregel was gericht op het aanpakken van verslavingsproblematiek en het bevorderen van terugkeer naar het geboorteland van de veroordeelde, Roemenië.
Tijdens de ISD-maatregel heeft de veroordeelde deelgenomen aan interventies gericht op verslavingszorg en scoort hij negatief op urinecontroles, wat duidt op vermindering van zijn middelenmisbruik. Echter, het terugkeertraject naar Roemenië is onvoldoende voortgezet; er is geen vertrekplan en informatie over zorg in Roemenië ontbreekt. Bovendien staat een openstaande gevangenisstraf van 18 dagen in Nederland de feitelijke overlevering aan Roemenië in de weg.
De verdediging heeft gepleit voor beëindiging van de ISD-maatregel, stellende dat de noodzaak tot voortzetting ontbreekt en dat overlevering binnen tien dagen kan plaatsvinden. De officier van justitie stelde voor de ISD-maatregel op te schorten om eerst de openstaande straf te kunnen uitvoeren.
De rechtbank oordeelt dat voortzetting van de ISD-maatregel niet langer noodzakelijk is, mede omdat de doelen van de maatregel deels zijn bereikt en de openstaande straf de overlevering belemmert. De maatregel wordt beëindigd zodat de openstaande straf kan worden uitgezeten en de overlevering aan Roemenië kan plaatsvinden. Dit voorkomt dat de veroordeelde onnodig de volledige ISD-maatregel moet uitzitten zonder dat het beoogde terugkeerdoel wordt gerealiseerd.