De rechtbank Amsterdam heeft op 7 oktober 2022 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van cocaïnewasserij. In een gehuurde garage werd een professioneel ingericht laboratorium aangetroffen waar meer dan 100 kilo cocaïne werd geproduceerd. DNA-sporen van verdachte werden op diverse voorwerpen in de wasserij gevonden.
De verdachte voerde aan dat hij de garage had onderverhuurd aan een derde zonder kennis van de cocaïnewasserij, maar de rechtbank achtte deze verklaring ongeloofwaardig. Bewijs zoals DNA-sporen, foto's op een telefoon van een medeverdachte en verklaringen van familieleden wezen op betrokkenheid van verdachte.
De rechtbank concludeerde dat verdachte bewust en nauw samenwerkte met anderen bij het bereiden en verwerken van cocaïne. Gezien de ernst van het feit en de omvang van de productie legde de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 40 maanden op, met aftrek van voorarrest. Het verzoek tot schorsing van voorlopige hechtenis werd afgewezen.