Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
2 Begripsbepalingen(…)
Rechtbank Amsterdam
De verzoeker, een student met een bankrekening bij ABN AMRO, werd door een onbekende derde benaderd om geld te pinnen en over te maken, waarbij hij de helft van het bedrag mocht houden. Het geld bleek afkomstig van fraude bij een derde partij. ABN AMRO beëindigde de klantrelatie en registreerde de verzoeker voor acht jaar in het Incidentenregister en het Extern Verwijzingsregister vanwege betrokkenheid bij het incident.
Verzoeker vroeg de rechtbank om verwijdering of verkorting van de registratieperiode, stellende dat de registratie disproportioneel is en zijn toekomstplannen belemmert. ABN AMRO voerde verweer en stelde dat de registratie rechtmatig en proportioneel is volgens het Protocol Incidentenwaarschuwingssysteem Financiële Instellingen.
De rechtbank oordeelde dat de registratie voldoet aan de wettelijke vereisten en het Protocol, dat de belangen van de bank en de integriteit van de financiële sector zwaarder wegen dan de persoonlijke belangen van verzoeker. De termijn van acht jaar is de hoofdregel en niet disproportioneel gelet op de ernst van de gedraging. Het verzoek tot verwijdering of verkorting wordt afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot verwijdering of verkorting van de registratie in het Incidentenregister en het Extern Verwijzingsregister wordt afgewezen.