Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Inleiding
5.Standpunten van procespartijen
6.Het oordeel van de rechtbank
Als de zaken niet goed liepen of targets niet werden gehaald was de medeverdachte geïrriteerd. Als zij niet wilde werken werd de medeverdachte boos, blokkeerde hij haar, ging hij haar negeren en schold hij haar uit. [30] [31] Zo heeft hij haar ‘ [bijnaam] ’ genoemd en gezegd dat ze wel van een flat kon springen. [32] Omdat ze niet wilde dat er spanningen ontstonden, dat de medeverdachte boos werd of haar ging negeren, voelde ze zich verplicht om aan het werk te gaan. [33] [34] Ze verdiende soms meer dan de target om de medeverdachte tevreden te houden. [35] Als ze ruzie met elkaar hadden zei de medeverdachte weleens dat hij geld aan verdachte zou vragen als [benadeelde partij] het hem niet kon geven. [36] [37]
Ze bespreken dat dat vervelend is, vooral als de medeverdachte ook geen baan meer heeft. [64]
[benadeelde partij] en wordt door verdachte meebeslist over de foto’s en de werknaam ‘ [werknaam 3] ’. [88]
De medeverdachte was uit op het verdienen van geld en gebruikte daar [benadeelde partij] voor. Met toepassing van de besproken dwangmiddelen is [benadeelde partij] ertoe gebracht om zich te (blijven) prostitueren en (een groot deel van) haar verdiensten af te staan aan de medeverdachte. Het op deze wijze financieel voordeel behalen uit werkzaamheden die door een ander onder deze omstandigheden in de prostitutie worden verricht, maakt dat de rechtbank van oordeel is dat sprake was van uitbuiting van [benadeelde partij] door de medeverdachte en dat de medeverdachte daar ook het oogmerk op heeft gehad.
7.Bewezenverklaring
8.De strafbaarheid van de feiten
9.De strafbaarheid van verdachte
10.Motivering van de straffen
Uit informatie van de reclassering blijkt dat het toezicht in het kader van de schorsing van de voorlopige hechtenis positief is verlopen. De reclassering ziet geen meerwaarde in het vervolgen van het toezicht met bijzondere voorwaarden, nu verdachte geen hulpvraag heeft en zelfstandig haar zaken regelt. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard op dit moment een opleiding te volgen. De rechtbank acht een voorwaardelijk strafdeel ook niet noodzakelijk ter voorkoming van recidive.
11.De benadeelde partij
12.Toepasselijke wettelijke voorschriften
13.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvan
15 (vijftien) dagen.
taakstrafvan
240 uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 120 dagen.
€ 53.100,-(zegge: drieënvijftigduizendhonderd euro) aan vergoeding van materiële schade en
€ 5.000,-(zegge: vijfduizend euro) aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf 16 februari 2021 tot aan de dag van de algehele voldoening.
nihil.