ECLI:NL:RBAMS:2022:7282
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid bezwaar tegen niet-uitbetaling WAO-uitkering vastgesteld
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van verweerder om de WAO-uitkering niet uit te betalen over de periode van 1 maart 2020 tot 1 november 2020. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank oordeelt dat het bezwaarschrift tijdig per post is verzonden, ruim voor het einde van de termijn, hoewel het te laat is ontvangen.
De rechtbank stelt vast dat eiser niet in verzuim is omdat hij het bezwaarschrift ruim op tijd heeft gepost vanuit Marokko. Verweerder had het bezwaar daarom ontvankelijk moeten verklaren en inhoudelijk moeten beoordelen. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit van 20 juli 2021 en draagt verweerder op binnen vier weken een nieuw besluit te nemen.
Omdat het beroep gegrond is, moet verweerder het griffierecht van €49,- aan eiser vergoeden. De rechtbank ziet geen aanleiding om zelf een inhoudelijke beslissing te nemen of een bestuurlijke lus toe te passen, omdat de procedure tot nu toe alleen over ontvankelijkheid ging.
Uitkomst: Het bezwaar is ontvankelijk verklaard en het besluit van 20 juli 2021 vernietigd; verweerder moet binnen vier weken een nieuw besluit nemen.