De rechtbank Amsterdam heeft verdachte veroordeeld voor winkeldiefstal gepleegd op 19 juni 2021, waarbij vleeswaren en bier van Vomar werden weggenomen met het oogmerk deze wederrechtelijk toe te eigenen. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte het feit heeft gepleegd, mede op basis van een bekennende verklaring.
Verdachte heeft een voorgeschiedenis van soortgelijke delicten en is tweemaal eerder met een ISD-maatregel geconfronteerd. Psychiatrisch onderzoek wees op een ongespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met antisociale en vermijdende trekken, ADHD, een autismespectrumstoornis en ernstige verslavingsproblemen. De psychiater concludeerde verminderd toerekeningsvatbaarheid en adviseerde geen ISD-maatregel, omdat deze waarschijnlijk niet effectief zou zijn.
De rechtbank volgde dit advies en legde een gevangenisstraf van 1 maand op, met aftrek van voorarrest. De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf werd afgewezen vanwege de omstandigheden en het langdurige voorarrest. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven. De straf weerspiegelt de ernst van het feit, de recidive en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.