Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- het incidenteel vonnis van 12 mei 2021, waarbij de voorlopige voorziening is afgewezen en de zaak naar de rol is verwezen voor conclusie van antwoord
- de conclusie van antwoord, met producties
- het tussenvonnis van 3 november 2021, waarbij een mondelinge behandeling is bepaald
- het proces-verbaal van de op 30 september 2022 gehouden mondelinge behandeling, met de daarin genoemde processtukken
- de antwoordakte van HBC.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
niet-ontvankelijkheid
januari 2022 € 3.690,12
7.998,00(2,0 punten × tarief € 3.999,00)