Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[woonplaats] .
1.Het onderzoek ter terechtzitting
7 december 2022.
2.Tenlastelegging
3.Inleiding
[naam partner] (hierna: [naam partner] ) enerzijds en [naam 1] (hierna: [naam 1] ) anderzijds. De voordeuren van de woningen van [naam partner] ( [adres] ) en van [naam 1] ( [adres] ) bevinden zich direct naast elkaar op de eerste verdieping van het appartementencomplex.
4.Standpunten van partijen
de steekverwondingen opgelopen. Hij is als het ware op de messen ‘ingelopen’.
[benadeelde partij] bij de kelderboxen. Zij was daarna met [benadeelde partij] naar boven gelopen op weg naar haar woning. Zij zag dat de deur van de woning van [naam partner] open stond en dat verdachte uit de woning kwam gelopen en [benadeelde partij] opnieuw aanviel. [benadeelde partij] had gezegd dat hij gestoken was en toen had ze bloed gezien. [7]
Hij was daarna naar boven gelopen en de woning van zijn partner in gegaan. In de keuken van de woning heeft hij twee messen gepakt. [8]
Op een gegeven moment liep verdachte naar achteren toe en toen zag [getuige 1] dat de broek van
[benadeelde partij] rood kleurde. [9]
De rechtbank gaat uit van de feiten en omstandigheden zoals hiervoor beschreven onder 4.3.1.
Verdachte is, nadat de worsteling in de kelderboxen was geëindigd, naar boven gegaan. In de woning van [naam partner] heeft verdachte twee messen gepakt. Op het plateau voor de voordeuren heeft opnieuw een confrontatie tussen hem en [benadeelde partij] plaatsgevonden, waarbij verdachte met de messen in de liesstreek van [benadeelde partij] heeft gestoken.
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit en de strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf
Hij heeft meerdere weken veel pijn gehad van het letsel, en ondervindt tot aan de dag van vandaag lichamelijke klachten als gevolg ervan. Daarnaast kampt [benadeelde partij] met psychische klachten sinds het incident.
Daarnaast kampt verdachte als gevolg van dit incident met een trauma- en stressor gerelateerde stoornis. Met betrekking tot het ten laste gelegde merkt de psycholoog op dat er bij verdachte gedrag is uitgelokt dat vanuit de situatie kan worden verklaard, en niet voortkomend vanuit zijn persoonlijkheidsproblematiek. Hij heeft genoeg bedenktijd gehad tussen het moment van loskomen uit de greep van [benadeelde partij] en het steken met de messen. Zo is hij bewust de sleutel gaan vragen aan [naam partner] , naar boven gelopen en heeft hij messen gepakt. Hij heeft hierbij niet de overweging gemaakt om de politie te bellen. Zijn handelen spreekt van enige planmatigheid en organisatie en van een weloverwogen besluit en niet van een impulsief besluit. Hij had daarbij ook andere keuzemogelijkheden. Daarbij lijkt er geen sprake van spijt of wroeging. Indien de rechtbank het hem ten laste gelegde bewezen acht, kan volgens de psycholoog worden verwacht dat de persoonlijkheidsproblematiek enigszins een rol heeft gespeeld bij het hem ten laste gelegde feit, echter onvoldoende om tot een doorwerking te komen. Bovenstaande leidt tot het advies om verdachte het ten laste gelegde (indien bewezen) volledig toe te rekenen.
8.Beslag
9.De benadeelde partij
te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
De schade bestaat uit kosten voor het reinigen van de bank (€ 245,-), kosten voor schade aan kleding
(€ 118,31), en kosten voor schade aan schoenen (€ 119,95). Daarnaast vordert [benadeelde partij] € 3.000,- aan vergoeding van immateriële schade.
De vordering is voldoende onderbouwd en de rechtbank vindt de gevorderde bedragen redelijk.
De rechtbank wijst de vordering dus toe voor een bedrag € 473,26.
Op grond van de door [benadeelde partij] gestelde omstandigheden en rekening houdend met de vergoedingen die in soortgelijke zaken worden toegekend, begroot de rechtbank de immateriële schadevergoeding naar billijkheid op € 2.000,-. In de rest van de vordering wordt [benadeelde partij] niet ontvankelijk verklaard. Hij kan het resterende deel van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
7 (zeven) maanden.
4 (vier) maanden, van deze gevangenisstraf
niet tenuitvoergelegdzal worden, tenzij later anders wordt gelast.
nihil.
te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (18 juni 2022) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 34 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.