Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om zijn WIA-uitkering per 14 juni 2021 te beëindigen wegens een vastgestelde arbeidsongeschiktheid van 15,45%.
De rechtbank heeft het medisch en arbeidskundig onderzoek van het UWV beoordeeld. De verzekeringsarts heeft de medische klachten van eiser, waaronder carpaal tunnel syndroom en rugklachten, zorgvuldig en overtuigend gemotiveerd en geen aanleiding gezien voor meer beperkingen dan vastgesteld in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). De arbeidsdeskundige heeft op basis van deze FML passende functies geselecteerd die eiser kan vervullen.
Eiser voerde aan dat de beperkingen onjuist waren vastgesteld en dat de functies niet passend waren, onder meer vanwege diploma-eisen en fysieke belastbaarheid. De rechtbank vond echter dat het UWV deze punten voldoende had gemotiveerd en dat eiser onvoldoende medische onderbouwing had geleverd om het oordeel van de verzekeringsarts te weerleggen.
De rechtbank concludeert dat het UWV terecht heeft besloten de WIA-uitkering te beëindigen en verklaart het beroep ongegrond. Proceskosten worden niet vergoed.