De rechtbank Amsterdam heeft op 20 september 2022 uitspraak gedaan over een vordering tot overlevering van een Tsjechische verdachte op basis van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door het District Court in Blansko, Tsjechië. De verdachte, geboren in 1988 en zonder vaste verblijfplaats in Nederland, werd gedetineerd in Nederland en de overlevering werd gevraagd vanwege een strafrechtelijk onderzoek naar diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij braak is gepleegd.
Tijdens de zittingen op 31 augustus en 6 september 2022 werd de verdachte gehoord, waarbij hij afstand deed van zijn recht om fysiek aanwezig te zijn en via een videoverbinding werd deelgenomen. De verdediging bracht geen weigeringsgronden naar voren, maar gaf aan dat de medische toestand van de verdachte bij de feitelijke overlevering aan de orde moet komen.
De rechtbank stelde vast dat het EAB voldeed aan de formele eisen van de Overleveringswet, dat dubbele strafbaarheid voor het feit (diefstal met braak) aanwezig is volgens Nederlands recht, en dat er geen gronden zijn om de overlevering te weigeren. Op grond hiervan werd de overlevering toegestaan. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.