ECLI:NL:RBAMS:2022:8306
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Nakoming omgangsregeling met dwangsom bij niet-naleving door moeder
De vader vordert nakoming van een omgangsregeling met zijn minderjarige kind, zoals vastgesteld door de rechtbank Rotterdam en bekrachtigd door het hof Den Haag. De moeder heeft deze regeling niet nageleefd en stelt zorgen over de veiligheid van het kind bij de vader.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de moeder onvoldoende bewijs heeft geleverd voor haar zorgen en dat zij de omgangsregeling zonder deugdelijke gronden heeft stopgezet. De omgang tussen vader en kind is sinds maart 2022 vrijwel geheel gestopt, ondanks eerdere rechterlijke uitspraken die nakoming verplichten.
De rechter bepaalt dat de omgangsregeling moet worden nageleefd, met een opbouwregeling vanwege de lange onderbreking. Tevens wordt een dwangsom opgelegd die pas ingaat bij de tweede aaneengesloten overtreding, om de moeder te stimuleren de regeling na te komen. Het verzoek van de moeder tot opschorting van de omgangsregeling wordt afgewezen en de proceskosten worden door partijen ieder zelf gedragen.
Uitkomst: De moeder wordt veroordeeld tot nakoming van de omgangsregeling met een dwangsom bij herhaalde niet-naleving.