ECLI:NL:RBAMS:2023:1262

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
20 februari 2023
Publicatiedatum
7 maart 2023
Zaaknummer
729439 / FA RK 23/934
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek zorgmachtiging wegens vertrouwen in vrijwillige zorgacceptatie

De rechtbank Amsterdam behandelde op 20 februari 2023 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die verblijft bij Arkin in Amsterdam.

De verpleegkundig specialist lichtte toe dat de machtiging was aangevraagd om een terugval te voorkomen, vooral in het licht van de aanstaande doorstroming van betrokkene naar een vervolgherstelkliniek met minder toezicht. Betrokkene is therapietrouw, werkt twee dagen per week en vertoonde het afgelopen jaar geen incidenten. Tijdens de zitting gaf betrokkene gemotiveerd aan de medicatie te blijven gebruiken en de adviezen van behandelaren op te volgen.

De rechtbank stelde vast dat betrokkene ziektebesef en inzicht toont en voldoende aannemelijk heeft gemaakt de zorg vrijwillig te accepteren. Hierdoor zijn de vereisten voor verplichte zorg niet vervuld. Daarom werd het verzoek tot zorgmachtiging afgewezen. De beschikking is op 20 februari 2023 mondeling gegeven en op 27 februari schriftelijk uitgewerkt.

Uitkomst: Het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging wordt afgewezen omdat betrokkene de zorg vrijwillig blijft accepteren.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/729439 / FA RK 23/934
kenmerk: ZM/IND/97965
Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking van 20 februari 2023van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene]
geboren op [geboortedatum] 1986 te [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] ,
verblijvende te Amsterdam, Arkin, [locatie] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. R.P.G. van der Weide te Amsterdam.

1.Procesverloop

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 9 februari 2023.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 20 februari 2023, in het gebouw van Arkin, Mentrum, op de locatie Jan Thoméepad 5 te Amsterdam.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- bovengenoemde advocaat;
- verpleegkundig specialist, de heer N. Jansen.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet ter zitting verschenen
.

2.Beoordeling

De verpleegkundig specialist geeft aan dat een zorgmachtiging is aangevraagd, omdat voorkomen moet worden dat betrokkene weer een terugval krijgt en dat een machtiging daarom, in ieder geval voor de duur van zes maanden, noodzakelijk is. Betrokkene is in het verleden gedecompenseerd waarna zijn psychiatrisch toestandsbeeld dermate was verslechterd dat geen afspraken met hem te maken waren en dat hij moest worden opgenomen. Er breekt voor betrokkene een kwetsbare periode aan, nu hij binnen afzienbare tijd zal doorstromen naar een vervolgherstelkliniek waar hij meer vrijheden zal krijgen en minder toezicht en begeleiding is. Ook licht de verpleegkundig specialist toe dat betrokkene al langere tijd therapietrouw is, veel op verlof gaat en dat hij sinds kort is begonnen met een betaalde baan, waar hij twee dagen per week naar toe gaat. Er is een goede samenwerking en er zijn in het afgelopen jaar geen incidenten geweest.
Betrokkene geeft tijdens de mondelinge behandeling gemotiveerd aan dat hij zijn medicatie zal blijven nemen, ook als hij geen machtiging heeft, omdat hij niet wil dat het slechter met hem gaat. Hij ziet in dat het nu beter met hem gaat, door de medicamenteuze behandeling. Betrokkene heeft op de zitting bevestigd dat hij de adviezen van de behandelaren zal volgen. Hij heeft last van bijwerkingen, maar desondanks neemt hij de medicatie nog steeds in en zal dat ook blijven doen. Betrokkene heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat hij de zorg vrijwillig zal blijven accepteren. Gelet op de huidige bestendige stabiliteit van betrokkene, waarbij hij ziektebesef en -inzicht toont en goed open staat voor hulp, heeft de rechtbank dat vertrouwen ook. De rechtbank vertrouwt erop dat betrokkene vrijwillig zorg zal accepteren en daarom wordt niet voldaan aan de vereisten voor verplichte zorg. Gelet op het voorgaande wordt het verzoek afgewezen.

3.Beslissing

De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is op 20 februari 2023 mondeling gegeven door mr. A.K. Mireku, rechter, en in het openbaar uitgesproken, bijgestaan door J. Koomen als griffier en op 27 februari 2023 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.