Uitspraak
1.Procesverloop
.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde op 22 februari 2023 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die gediagnosticeerd is met schizofrenie.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf betrokkene aan de zorg vrijwillig te willen accepteren. Betrokkene is langere tijd redelijk stabiel, heeft ziektebesef, accepteert haar medicatie trouw en onderhoudt regelmatig contact met haar behandelaars. De behandelend arts bevestigde dat het door betrokkene opgestelde plan van aanpak een goed alternatief is voor een zorgmachtiging.
De rechtbank oordeelde dat er op dit moment geen ernstig nadeel is en dat betrokkene de kans moet krijgen om zelfstandig met een vrijgevestigde psychiater haar zorg verder vorm te geven. Daarom vertrouwt de rechtbank erop dat betrokkene de zorg op vrijwillige basis zal accepteren en is verplichte zorg niet noodzakelijk.
Gelet op deze omstandigheden wees de rechtbank het verzoek tot zorgmachtiging af. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging wordt afgewezen omdat betrokkene de zorg vrijwillig accepteert.