In deze zaak stond de beëindiging van een exclusieve bemiddelingsovereenkomst tussen een model en modellenbureau Ulla Two centraal. Het model had een contract voor drie jaar, dat niet tussentijds kon worden opgezegd zonder schadeplichtigheid. Na minder dan twee jaar stapte het model over naar een ander bureau, wat in strijd was met de afspraken.
De rechtbank oordeelde dat het model niet als niet-professionele opdrachtgever kon worden aangemerkt en dat zij zich aan de contractuele afspraken moest houden. De opzegging per aangetekende brief was niet rechtsgeldig en de ontbinding door het model niet gegrond. Ulla Two kon de overeenkomst ontbinden wegens contractbreuk door het model.
Ulla Two vorderde schadevergoeding voor misgelopen bemiddelingsinkomsten, juridische kosten en reputatieschade. De rechtbank kende alleen een deel van de misgelopen agency fee toe, gehalveerd wegens onvoldoende schadebeperking door Ulla Two. Juridische kosten en reputatieschade werden afgewezen. Na verrekening bleef een betalingsverplichting van Ulla Two aan het model over.
De rechtbank veroordeelde Ulla Two tot betaling van een bedrag van €12.844,29 aan het model, inclusief incassokosten en rente, en wees de tegenvordering van Ulla Two af. De proceskosten werden verdeeld, waarbij Ulla Two de kosten van het model moest vergoeden en beide partijen hun eigen kosten voor de tegenvordering dragen.