Uitspraak
wonende te [woonplaats 2] ,
verweerder,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam heeft op 17 maart 2023 een beschikking gegeven inzake de vaststelling van kinderalimentatie tussen de vrouw en de man. De procedure omvatte diverse ingediende stukken, waaronder F9-formulieren van beide partijen. De rechtbank corrigeerde een eerdere onjuiste omgangsregeling en ging uit van de juiste zorgregeling waarbij de kinderen bij de vader zijn volgens een vastgesteld schema.
De rechtbank stelde vast dat het netto besteedbaar gezinsinkomen tijdens de samenleving maatgevend is voor de behoefte van de kinderen. De man stelde dat de relatie in 2011 was verbroken, maar de rechtbank volgde het standpunt dat dit in oktober 2017 was. De behoefte van de kinderen werd berekend aan de hand van Nibud-tabellen, waarbij inflatiecorrectie werd toegepast. De man is ook onderhoudsplichtig voor twee kinderen uit een nieuwe relatie, wat leidde tot verdeling van zijn draagkracht over alle kinderen.
De draagkracht van de man werd vastgesteld op €800 per maand, waarbij de man onvoldoende financiële openheid gaf en de rechtbank uitging van een NBI van €3.090. De vrouw heeft een draagkracht van €267 per maand. De nieuwe partner van de man werd geacht een minimale draagkracht van €50 te hebben. De zorgkorting werd vastgesteld op 15%, maar de man moet tot het volledige bedrag van zijn draagkracht bijdragen vanwege een tekort aan gezamenlijke draagkracht.
De rechtbank besloot dat de man €160 per kind per maand aan kinderalimentatie aan de vrouw moet betalen, ingaande 1 mei 2022. De proceskosten worden door partijen zelf gedragen en de beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De man moet €160 per kind per maand aan kinderalimentatie betalen vanaf 1 mei 2022.