ECLI:NL:RBAMS:2023:1702
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen bestuursrechter wegens vermeende partijdigheid
Verzoeker heeft bij de rechtbank Amsterdam een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. M.A. Boerhorst, bestuursrechter in opleiding, vanwege de afwijzing van een verzoek tot aanhouding van een mondelinge behandeling wegens ziekte. De rechter had het verzoek tot aanhouding afgewezen en de zitting op 17 maart 2023 laten plaatsvinden, waarna verzoeker de rechter wrak wegens vermeende partijdigheid.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 8:15 Awb Pro en de jurisprudentie van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2018:1413). Uitgangspunt is dat een rechter onpartijdig wordt vermoed en dat een rechterlijke beslissing of motivering daarvan geen grond voor wraking kan zijn, tenzij er objectief gerechtvaardigde schijn van vooringenomenheid bestaat.
Verzoeker stelde dat de afwijzing van het verzoek tot aanhouding wegens griep onredelijk was en niet voldoende gemotiveerd. De wrakingskamer oordeelde echter dat de afwijzing van een procesbeslissing geen wrakingsgrond is en dat de motivering geen blijk gaf van vooringenomenheid. Het wrakingsverzoek werd daarom kennelijk ongegrond verklaard en afgewezen.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de bestuursrechter is afgewezen wegens gebrek aan grond voor wraking.