De rechtbank Amsterdam heeft op 24 maart 2023 besloten tot verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige geboren in 2008, die sinds september 2021 bij zijn vader verblijft. De moeder heeft het ouderlijk gezag. De ondertoezichtstelling was eerder vastgesteld en verlengd tot 31 maart 2023. De vader kreeg toestemming om de minderjarige te erkennen, maar verzoeken tot gezamenlijk gezag en hoofdverblijfplaats zijn aangehouden.
JBRA verzocht om verlenging van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing voor twaalf maanden, met uitvoerbaarheid bij voorraad. De rechtbank constateert een ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de minderjarige, mede door loyaliteitsconflicten tussen ouders en onvoldoende ondersteuning door de vader. Positieve ontwikkelingen zijn zichtbaar door inzet van hulpverlening ComeOn! en Akwaaba Zorg, met constructieve afspraken tussen ouders.
De moeder steunt verlenging ondertoezichtstelling maar verzet zich tegen verlenging verblijf bij vader, terwijl de vader en minderjarige hiermee instemmen. De rechtbank weegt het belang van de minderjarige, die rust wenst en prioriteit geeft aan contactherstel met de moeder. Gezien de prille positieve ontwikkelingen en het ontbreken van een neutrale alternatieve verblijfplaats, wordt het verblijf bij de vader voortgezet. De beschikking wordt verlengd tot 31 maart 2024 en is uitvoerbaar bij voorraad.