ECLI:NL:RBAMS:2023:2030
Rechtbank Amsterdam
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van wegingsfactor bij proceskostenvergoeding in bestuursrechtelijke verzetzaak
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft opposant verzet ingesteld tegen een eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam waarin de heffingsambtenaar werd veroordeeld tot betaling van proceskosten met toepassing van de wegingsfactor licht (0,5).
Opposant betoogde dat onterecht niet de wegingsfactor gemiddeld (1) was toegepast, verwijzend naar een uitspraak van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch en een eerdere uitspraak van dezelfde rechtbank waarin de hogere wegingsfactor wel werd gehanteerd. De rechtbank oordeelt dat de meerderheidsregel waarop opposant zich beroept niet zonder meer geldt voor rechtbankbeslissingen en dat onvoldoende onderbouwing met minimaal twee gelijke gevallen ontbreekt.
De rechtbank stelt vast dat de toets bij verzet beperkt is tot het beoordelen of er overduidelijk een fout is gemaakt. Gezien het Richtsnoer van de gerechtshoven is de toepassing van de wegingsfactor licht (0,5) passend in deze zaak. Eventuele fouten in eerdere uitspraken leiden niet tot een andere beoordeling in deze zaak.
De rechtbank verklaart het verzet ongegrond en bevestigt de eerdere beslissing. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het verzet tegen de toepassing van de wegingsfactor licht (0,5) wordt ongegrond verklaard.