ECLI:NL:RBAMS:2023:261
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs handel in verdovende middelen en witwassen
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van deelname aan een criminele organisatie, handel in cocaïne en heroïne, voorbereidingshandelingen en witwassen. De dagvaarding voor deelname aan een criminele organisatie werd nietig verklaard vanwege te algemene en onduidelijke tenlastelegging, waardoor effectieve verdediging onmogelijk was.
Voor de handel in verdovende middelen en voorbereidingshandelingen op 9 en 10 mei 2017 werd vastgesteld dat verdachte niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat hij beschikkingsmacht had over de aangetroffen drugs of betrokken was bij de handel. Ook het witwassen van geld op 31 oktober 2017 kon niet worden bewezen, mede omdat geen aanwijzingen waren dat het geld afkomstig was van misdrijven.
De rechtbank sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten behalve de nietig verklaarde deelname aan de criminele organisatie. Tevens werd gelast dat alle in beslag genomen goederen aan verdachte worden teruggegeven, omdat geen verbeurdverklaring kon worden opgelegd.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van handel in verdovende middelen, voorbereidingshandelingen en witwassen; dagvaarding nietig verklaard voor deelname aan criminele organisatie.