Op 28 december 2022 heeft verdachte in Amsterdam mishandeling gepleegd jegens het slachtoffer door hem meerdere malen bij de keel en kraag vast te pakken, tegen de muur te duwen en met de platte kant van een mes en met de hand te slaan. De rechtbank heeft de tenlastelegging van diefstal met geweld en poging tot zware mishandeling verworpen wegens onvoldoende bewijs en het ontbreken van medische stukken die het letsel bevestigen.
De camerabeelden toonden dat verdachte het slachtoffer met de platte kant van het mes sloeg en met zijn vuist, niet met de scherpe kant, waardoor geen opzet op zwaar lichamelijk letsel kon worden vastgesteld. Wel is mishandeling bewezen verklaard op basis van camerabeelden, bekennende verklaring en overige bewijsmiddelen.
De rechtbank heeft het bewezen verklaarde feit strafbaar geacht en geen rechtvaardigingsgrond of strafuitsluitende omstandigheden vastgesteld. Gezien de ernst van de mishandeling en het strafblad van verdachte is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 40 dagen opgelegd, met aftrek van de tijd in voorarrest. Het mes is onttrokken aan het verkeer en het bevel tot voorlopige hechtenis is opgeheven.