ECLI:NL:RBAMS:2023:3478

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
17 mei 2023
Publicatiedatum
1 juni 2023
Zaaknummer
13/062745-23
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 350 SrArt. 7 Wegenverkeerswet 1994Art. 8 Wegenverkeerswet 1994Art. 176 Wegenverkeerswet 1994Art. 2 OLW
Verwijzingen
11 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel wegens beschadiging

De rechtbank Amsterdam heeft op 17 mei 2023 uitspraak gedaan over een vordering tot overlevering van een persoon aan Tsjechië op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Het EAB was uitgevaardigd door de Rechtbank in Praag 9 en betreft een strafrechtelijk onderzoek naar een vermoedelijk strafbaar feit volgens Tsjechisch recht.

De opgeëiste persoon, geboren in Wit-Rusland en zonder vaste verblijfplaats in Nederland, werd verhoord in aanwezigheid van zijn raadsman en een tolk. De rechtbank stelde de identiteit vast en bevestigde de Wit-Russische nationaliteit van de opgeëiste persoon.

De rechtbank beoordeelde dat het EAB voldeed aan de wettelijke eisen, waaronder de toetsing van dubbele strafbaarheid. Het feit waarvoor overlevering werd verzocht, valt onder de Nederlandse Wegenverkeerswet 1994 als beschadiging van andermans goed. Er waren geen weigeringsgronden of andere belemmeringen voor overlevering.

Op grond hiervan besloot de rechtbank de overlevering toe te staan. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open, waardoor de beslissing definitief is.

Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan Tsjechië toe voor het strafbare feit van beschadiging.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/062745-23
Datum uitspraak: 17 mei 2023
UITSPRAAK
op de vordering ex artikel 23 Overleveringswet Pro (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 14 maart 2023 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).
Dit EAB is uitgevaardigd op 15 februari 2023 door de Rechtbank in Praag 9 (Tsjechië) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon] ,
geboren in [geboorteplaats] (Wit-Rusland) op [geboortedag] 1997,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
gedetineerd [detentieplaats] ,
hierna te noemen de opgeëiste persoon.

1.Procesgang

De vordering is behandeld op de openbare zitting van 4 mei 2023. Het verhoor heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie mr. N.R. Bakkenes. De opgeëiste persoon is bijgestaan door zijn raadsman, mr. J.E.F.K. Liauw, advocaat in Rotterdam en een tolk in de Russische taal. De raadsman heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
Op grond van artikel 22, derde lid, OLW heeft de rechtbank de termijn waarbinnen zij op grond van het eerste lid van dit artikel uitspraak moet doen met dertig dagen verlengd omdat zij die verlenging nodig heeft om over de verzochte overlevering te beslissen.

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Wit-Russische nationaliteit heeft.

3.Grondslag en inhoud van het EAB

In het EAB wordt melding gemaakt van een arrestatiebevel van de Rechtbank in Praag 9 (Tsjechië) van 12 januari 2023 (dossiernummer: 50 T 112/2022).
De overlevering wordt verzocht ten behoeve van een door de justitiële autoriteiten van de uitvaardigende lidstaat ingesteld strafrechtelijk onderzoek ter zake van het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een naar Tsjechisch recht strafbaar feit.
Dit feit is omschreven in onderdeel e) van het EAB.

4.Strafbaarheid: feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist

De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit niet aangeduid als feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder a 2°, OLW zijn neergelegd.
De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.
Het feit levert naar Nederlands recht op:
overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel b van de Wegenverkeerswet 1994
overtreding van artikel 7, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort,
beschadigen

5.Slotsom

Nu is vastgesteld dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW Pro, er ook overigens geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg staan en er geen sprake is van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven, dient de overlevering te worden toegestaan.

6.Toepasselijke wetsartikelen

Artikel 350 Wetboek Pro van Strafrecht, de artikelen 7, 8 en 176 Wegenverkeerswet 1994 en de artikelen 2, 5 en 7 OLW.

7.Beslissing

STAAT TOEde overlevering van
[opgeëiste persoon]aan de Rechtbank in Praag 9 (Tsjechië) voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.
Aldus gedaan door
mr. M.M.L.A.T. Doll, voorzitter,
mrs. B. Yeşilgöz en L. Sanders, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. V.D. Reinders, griffier,
en uitgesproken ter openbare zitting van 17 mei 2023.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.