ECLI:NL:RBAMS:2023:3603
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Erfdienstbaarheden vervallen door ruilverkaveling ontstaan opnieuw door verjaring
De zaak betreft een geschil tussen buren over erfdienstbaarheden die oorspronkelijk bij akten uit 1964 en 1971 waren gevestigd, maar door een ruilverkaveling in 2006 waren vervallen. Eisers stellen dat deze erfdienstbaarheden door verkrijgende verjaring opnieuw zijn ontstaan, omdat zij het pad en de riolering onafgebroken en te goeder trouw hebben gebruikt.
De rechtbank oordeelt dat aan de voorwaarden voor verkrijgende verjaring is voldaan: het bezit was onafgebroken gedurende tien jaar en de gebruikers waren te goeder trouw, mede doordat zij en hun rechtsvoorgangers altijd uitgingen van het voortbestaan van de erfdienstbaarheden. De verjaring was voltooid voordat de huidige eigenaren hun eigendom verkregen.
De rechtbank verklaart de erfdienstbaarheden door verjaring opnieuw ontstaan en veroordeelt gedaagden om binnen een maand medewerking te verlenen aan de inschrijving in het Kadaster. Tevens worden buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten aan gedaagden opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank verklaart dat de erfdienstbaarheden door verjaring opnieuw zijn ontstaan en veroordeelt gedaagden tot medewerking aan inschrijving en kostenvergoeding.