Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 mei 2023 in de zaak tussen
[eiser] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 11 mei 2023.
Rechtbank Amsterdam
Eiser was werkzaam bij een bedrijf waarvan het dienstverband per 1 juli 2020 is beëindigd. Hij diende op 25 juni 2020 een aanvraag in voor een WW-uitkering, die aanvankelijk werd toegekend. Verweerder vroeg om aanvullende inkomstenopgaven, maar eiser gaf hier geen gehoor. Daarom werd op 21 oktober 2020 het recht op WW-uitkering per 1 juli 2020 stopgezet en dit besluit in de Berichtenbox geplaatst.
Eiser diende pas op 26 september 2022 bezwaar in tegen dit besluit, wat verweerder niet-ontvankelijk verklaarde wegens overschrijding van de termijn. Eiser stelde dat het besluit alleen in de Berichtenbox was geplaatst zonder e-mailnotificatie, waardoor hij niet tijdig op de hoogte was. Verweerder stelde dat eiser zelf had gekozen voor communicatie via de Berichtenbox en dat hij al in 2017 had aangegeven geen e-mailnotificaties te willen ontvangen.
De rechtbank oordeelde dat het besluit op juiste wijze bekend was gemaakt en dat eiser redelijkerwijs bekend had moeten zijn met het besluit, zeker omdat hij nooit betalingen had ontvangen en geen contact had gezocht met het UWV. Ook het argument dat eiser destijds leefde van spaargeld en nu een nieuwe WW-rechten heeft opgebouwd, gaf geen aanleiding tot ontvankelijkheid. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de niet-ontvankelijkverklaring van zijn bezwaar is ongegrond verklaard.