In deze civiele zaak betreffende erfrecht vordert gedaagde de opschorting van het vonnis dat haar veroordeelt tot het verstrekken van diverse documenten en het verbeuren van dwangsommen bij niet-naleving. De rechtbank heeft eerder bepaald dat gedaagde binnen een maand documenten zoals taxatierapporten en bankafschriften moet overleggen aan eiser ter berekening van diens legitieme portie.
Gedaagde stelt dat zij door toedoen van de bank ABN Amro niet in staat is de gevraagde documenten te verstrekken en verzoekt daarom opschorting van de dwangsommen. Eiser betwist dit gemotiveerd en stelt dat gedaagde onvoldoende heeft gedaan om aan haar verplichtingen te voldoen.
De rechtbank concludeert dat gedaagde niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij alle mogelijke inspanningen heeft verricht om de documenten te verkrijgen. De ontbrekende stukken zijn essentieel voor de legitieme portieberekening van eiser. De dwangsommen blijven daarom van kracht. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De zaak wordt op 23 augustus 2023 opnieuw op de rol gezet voor beraad en beslissing over een eventuele mondelinge behandeling.