ECLI:NL:RBAMS:2023:5215
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen bestuursrechter na uitspraak
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. C.A.E. Wijnker, bestuursrechter te Amsterdam, nadat deze op 11 mei 2023 een einduitspraak had gedaan in de zaak van verzoeker. Het verzoek werd op 30 mei 2023 ontvangen, dus na de uitspraak. De Wrakingskamer oordeelde dat een wrakingsverzoek alleen kan worden gericht tegen een rechter die een zaak nog in behandeling heeft. Omdat de rechter de zaak reeds had afgerond, was het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk.
Daarnaast werd ook de griffier gewraakt, maar volgens de wet is wraking van de griffier niet mogelijk. Daarom werd een mondelinge behandeling achterwege gelaten. De Wrakingskamer wees het wrakingsverzoek af en stelde dat tegen deze beslissing geen rechtsmiddel openstaat.
De beslissing werd genomen door de Wrakingskamer van de Rechtbank Amsterdam, bestaande uit voorzitter P.B. Martens en leden N.C.H. Blankevoort en A.W.J. Ros, op 6 juni 2023.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid omdat het verzoek na de uitspraak werd ingediend en de rechter de zaak niet meer in behandeling had.