De rechtbank Amsterdam heeft op 17 augustus 2023 uitspraak gedaan over de vordering van de officier van justitie tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door het Amtsgericht Düsseldorf. De opgeëiste persoon, een Franse staatsburger zonder vaste verblijfplaats in Nederland, werd verdacht van ernstige strafbare feiten waaronder ontvoering, wederrechtelijke vrijheidsberoving, gijzeling en georganiseerde of gewapende diefstal.
Tijdens de zitting op 3 augustus 2023 was de verdachte aanwezig en bijgestaan door een advocaat en een Franse tolk. De verdediging erkende dat er geen weigeringsgronden voor overlevering waren, en de officier van justitie concludeerde dat de overlevering kon worden toegestaan. De rechtbank verlengde de beslistermijn met 30 dagen om de zaak zorgvuldig te kunnen behandelen.
De rechtbank stelde vast dat het EAB voldeed aan de eisen van de Overleveringswet en dat de strafbare feiten op de lijst van bijlage 1 bij de Overleveringswet stonden, waardoor een onderzoek naar dubbele strafbaarheid achterwege kon blijven. Er waren geen gronden om de overlevering te weigeren. Daarom besloot de rechtbank de overlevering van de verdachte aan Duitsland toe te staan.
De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en twee rechters in aanwezigheid van de griffier en is onherroepelijk, aangezien tegen deze beslissing geen gewoon rechtsmiddel openstaat volgens de Overleveringswet.