Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 10 oktober 2023 in de zaak tussen
[eiser] uit Granada (Spanje), eiser
Inleiding
Overwegingen
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Amsterdam
Eiser diende bezwaar in tegen besluiten over zijn WAO-uitkering en kreeg uiteindelijk een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100% toegekend. Het geschil betrof vooral de hoogte van de vergoeding voor proceskosten in de bezwaarfase, waarbij verweerder een forfaitaire vergoeding toekende conform het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb).
Eiser stelde dat deze vergoeding in strijd is met artikel 6 EVRM Pro omdat deze slechts 25% van zijn werkelijke kosten dekt en verzocht om een integrale vergoeding en prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de EU. De rechtbank verwees naar eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak en de Centrale Raad van Beroep, waarin het forfaitaire stelsel werd goedgekeurd als proportioneel en niet in strijd met artikel 6 EVRM Pro.
Daarnaast wees de rechtbank het verzoek om vergoeding van reiskosten, kopieerkosten en verletkosten af omdat deze niet binnen het Bpb vallen of niet aan eiser zelf toerekenbaar zijn. Ook werd het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn afgewezen omdat de termijn nog niet was overschreden.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat het bestreden besluit in stand blijft. Er is geen aanleiding voor prejudiciële vragen en geen grond voor een hogere vergoeding of schadevergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand; verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.