ECLI:NL:RBAMS:2023:6348
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Eigendom van de hond toegewezen aan man in kort geding na relatiebreuk
Partijen hadden een relatie en kochten samen een Yorkshire Terriër in 2016, voordat zij in 2018 trouwden onder beperkte gemeenschap van goederen. De koopovereenkomst stond op naam van de man, die de koopprijs cash betaalde. De vrouw verzorgde de hond mee, maar was niet op de koopovereenkomst vermeld.
Na de aankondiging van de vrouw om te scheiden en haar vertrek met de hond naar de echtelijke huurwoning, vorderde de man in kort geding dat de hond, het paspoort en het medische boekje aan hem worden afgeleverd. De vrouw stelde dat zij mede-eigenaar was en dat de hond tot de huwelijksgoederengemeenschap behoorde.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de man de rechtmatige eigenaar is omdat hij de koopovereenkomst sloot en betaalde, en dat de zorg en kosten door de vrouw geen mede-eigendom tot gevolg hebben. De hond valt niet onder de huwelijksgoederengemeenschap. De vordering tot afgifte werd toegewezen met een dwangsom, maar zonder machtiging tot inzet van politie. De tegenvorderingen van de vrouw werden afgewezen wegens onvoldoende belang en onderbouwing.
Uitkomst: De man wordt eigenaar van de hond en de vrouw wordt veroordeeld tot afgifte binnen 72 uur onder dwangsom.