Op 10 januari 2023 zijn diverse goederen in beslag genomen in een strafrechtelijk onderzoek tegen klager, waaronder een Porsche, een Volkswagen, telefoons, een laptop, een edentifier en een geldbedrag van €62.235.
Klager diende een klaagschrift in tot teruggave van deze goederen, stellende dat hij eigenaar is en dat het beslag hem onevenredig benadeelt. De rechtbank beoordeelde het klaagschrift op 4 oktober 2023. De rechtbank oordeelde dat de Volkswagen niet op naam van klager staat maar op naam van zijn zoon, waardoor het klaagschrift ten aanzien van deze auto ongegrond is.
De laptop en edentifier zijn al aan klager teruggegeven, waardoor hij niet-ontvankelijk is in zijn klacht hierover. Ten aanzien van de Porsche, telefoons en het geldbedrag is het niet hoogst onwaarschijnlijk dat deze goederen later verbeurd zullen worden verklaard, mede gelet op het vermoeden van witwassen en de inhoud van chatberichten op de telefoons.
De rechtbank verklaart het klaagschrift daarom ongegrond voor deze goederen en wijst overige verzoeken af wegens niet-ontvankelijkheid. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open.