ECLI:NL:RBAMS:2023:6589

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
18 oktober 2023
Publicatiedatum
23 oktober 2023
Zaaknummer
C/13/735249 / HA ZA 23-564
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
  • R.C.J. Hamming
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 10.2 koopovereenkomstArt. 25 Verordening (EU) Nr. 1215/2012Art. 3 Rome I-verordeningArt. 6:119 BW
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling tot betaling koopprijs en proceskosten in bodemzaak

In deze bodemzaak vordert eiser betaling van de koopprijs van €1.875.000,00 van gedaagde, een besloten vennootschap gevestigd te Amsterdam. De rechtbank stelt vast dat partijen een geldige forumkeuze hebben gemaakt voor deze rechtbank en dat Nederlands recht van toepassing is op grond van de overeenkomst en Rome I-verordening.

Eiser heeft de vordering tot betaling van beslagkosten onvoldoende onderbouwd, omdat de beslagstukken niet zijn overgelegd. Desondanks wordt de hoofdsom van de koopprijs toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment van verzuim van gedaagde.

Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de zijde van eiser, begroot op €6.345,57, eveneens te vermeerderen met wettelijke rente. Tevens worden de kosten na het vonnis aan gedaagde opgelegd onder voorwaarden. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €1.875.000,00 plus rente en proceskosten aan eiser.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht
zaaknummer / rolnummer: C/13/735249 / HA ZA 23-564
Vonnis van 18 oktober 2023
in de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats] (Spanje),
eiser,
advocaat mr. K. Tülü te Haarlem,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
GRASWEG 46 B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
gedaagde,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het tussenvonnis van 2 augustus 2023,
  • de akte van eiser.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

Rechtsmacht

2.1.
Eiser stelt dat op grond van de forumkeuze van partijen in artikel 10.2 van de koopovereenkomst deze rechtbank bevoegd is. Gezien deze (onweersproken) forumkeuze is op grond van artikel 25 van Pro de Verordening (EU) Nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (Brussel I bis-Vo) de rechter in deze rechtbank bevoegd tot kennisneming van dit geschil. Uit de stukken en onweersproken stellingen van eiser leidt de rechtbank af dat daadwerkelijk wilsovereenstemming tussen partijen heeft bestaan op dit punt.
Toepasselijk recht
2.2.
In deze zaak moet het toepasselijke recht worden vastgesteld aan de hand van de Verordening (EG) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (hierna: Rome I). In artikel 10.1 van de koopovereenkomst is een (onweersproken) rechtskeuze gedaan voor Nederlands recht. Daarmee is krachtens artikel 3 Rome Pro I Nederlands recht van toepassing op dit geschil voor zover het betrekking heeft op de verbintenissen uit de overeenkomst van partijen.
De verdere beoordeling
2.3.
Eiser vordert gedaagde te veroordelen tot betaling van de beslagkosten. Deze vordering zal als onvoldoende onderbouwd worden afgewezen, omdat eiser heeft verzuimd de beslagstukken in het geding te brengen.
2.4.
Het gevorderde komt de rechtbank voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.
2.5.
Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiser worden begroot op:
- dagvaarding € 135,57
- griffierecht 1.963,00
- salaris advocaat
4.247,00(1,0 punt × tarief € 4.247,00)
Totaal € 6.345,57

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
veroordeelt gedaagde om aan eiser te betalen een bedrag van € 1.875.000,00 (één miljoen achthonderdvijfenzeventig duizend euro), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over dit bedrag met ingang van het moment dat gedaagde in verzuim is getreden jegens eiser tot de dag van volledige betaling,
3.2.
veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiser tot op heden begroot op € 6.345,57, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over dit bedrag met ingang van de vijftiende dag na de betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,
3.3.
veroordeelt gedaagde in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 131,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat gedaagde niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 68,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak,
3.4.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.C.J. Hamming en in het openbaar uitgesproken op 18 oktober 2023. [1]

Voetnoten

1.type: AAK