Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Beschuldiging
bijlagedie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Waardering van het bewijs
artikel 359, derde lid, laatste volzin, van het Wetboek van Strafvordering (Sv). De verdediging heeft geen vrijspraak bepleit. Daarom wordt op grond van artikel 359 Sv Pro volstaan met een opgave van de gebruikte bewijsmiddelen, namelijk:
- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 23 juni 2023;
- het proces-verbaal van aangifte van 29 maart 2023 (inclusief bijlagen) in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [naam 1] en [naam 2] (doorgenummerde pagina’s 5 – 8).
4.Bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
Betrokkene komt in 2009 voor het eerst in aanraking met justitie en komt sinds 2021 veelvuldig in beeld wegens het plegen van vermogensdelicten. Er is sprake van een delictpatroon. [verdachte] voldoet aan de criteria van de ISD-maatregel.
Betrokkene dient vervolgens aangenomen te worden en daarnaast is er sprake van wachtlijstproblematiek, waardoor het niet te zeggen is wanneer betrokkene daadwerkelijk in de kliniek terecht kan.
- het bewezenverklaarde feit, de door de verdachte gepleegde diefstal, betreft een misdrijf waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten;
- de verdachte is in de vijf jaren voorafgaand aan het bewezenverklaarde feit ten minste driemaal wegens een misdrijf onherroepelijk veroordeeld tot vrijheidsbenemende straffen;
- het onderhavige feit is begaan na de tenuitvoerlegging van deze straffen;
- gelet op het advies van de reclassering en het strafblad van de verdachte moet er ernstig rekening mee gehouden worden dat de verdachte wederom een misdrijf zal begaan;
- de veiligheid van goederen eist het opleggen van de ISD-maatregel.
8.Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordeling
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige dadersvoor de duur van
2 (twee) jaren.
niet ten uitvoerzal worden gelegd, tenzij later anders wordt gelast.
proeftijdvan
3 (drie) jarenvast.
algemeneen
bijzondere voorwaarden.