Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.[eiser]
[eiseres] ,
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
1.079,00
Rechtbank Amsterdam
Een bijna meerderjarige voetbalsupporter kreeg een stadionverbod van achttien maanden opgelegd door de KNVB nadat hij tijdens een wedstrijd over een hekje klom naar een ander vak. De KNVB baseerde het verbod op overtreding van haar standaardvoorwaarden en voetbalgerelateerd wangedrag. De supporter en zijn ouders stelden dat het verbod disproportioneel was en dat de Commissie Stadionverboden de beslistermijn had overschreden.
De rechtbank oordeelde dat de standaardvoorwaarden van toepassing zijn en dat de KNVB een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij het opleggen van stadionverboden. Echter, de opgelegde duur van achttien maanden voor het relatief lichte feit van het overklimmen van een hekje was disproportioneel, zeker gezien het feit dat de supporter direct gehoor gaf aan de steward en geen eerdere overtredingen had.
Ook werd geoordeeld dat de overschrijding van de beslistermijn door de Commissie niet automatisch betekent dat het beroep gegrond is, maar het rechtvaardigt wel een minder vergaande sanctie. De verdubbeling van de verbodsduur wegens het niet aanleveren van een pasfoto werd eveneens als disproportioneel beoordeeld. De rechtbank schorst daarom de tenuitvoerlegging van het stadionverbod totdat de bodemrechter hierover beslist. De KNVB werd veroordeeld in de proceskosten van de ouders van de minderjarige.
Uitkomst: De rechtbank schorst de tenuitvoerlegging van het stadionverbod wegens disproportionaliteit totdat de bodemrechter beslist.