Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Spoedeisend belang
- of een eventuele betalingsregeling goed is nagekomen;
1.079,00
Rechtbank Amsterdam
Eiser had in 2008 een zakelijke financiering bij Rabobank, die in 2014 werd opgezegd wegens overschrijding kredietlimiet en niet-nakoming van voorwaarden. Rabobank meldde een A-registratie en 2-codering bij het BKR. Na diverse betalingsregelingen en een afkoop in 2022 werd een code 3 (afboeking) geregistreerd.
Eiser verzocht in 2023 tweemaal om verwijdering van de BKR-registratie vanwege aankoop van een bedrijfspand en later vanwege zijn woonsituatie na relatiebreuk. Rabobank weigerde dit, stellende dat de vijfjaarstermijn nog niet was verstreken en de financiële situatie van eiser niet stabiel was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Rabobank haar gerechtvaardigde belangen bij kredietregistratie aannemelijk had gemaakt en dat de belangen van eiser niet zwaarder wogen. De afweging hield rekening met de omvang van de schuld, het moeizame traject, het recente karakter van de afkoop en het ontbreken van bewijs van duurzame financiële stabiliteit. Het verzoek tot verwijdering werd daarom afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot verwijdering van de BKR-registratiecodes wordt afgewezen wegens het ontbreken van een duurzame en stabiele financiële situatie en het te korte verstreken termijn.