ECLI:NL:RBAMS:2023:7451
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- D. van den Brink
- W.M.C. van den Brink
- H.E. Hoogendijk
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot beëindiging vervolging ex art. 29f Sv toegewezen door rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde op 22 augustus 2023 het verzoek van verzoekster om op grond van artikel 29f van het Wetboek van Strafvordering te verklaren dat de strafzaak tegen haar is geëindigd. Het verzoek werd ingediend omdat de vervolging door het Openbaar Ministerie niet wordt voortgezet, hoewel formeel nog geen einde aan de zaak was gekomen.
De rechtbank nam kennis van het dossier en hoorde partijen, waaronder de raadsman van verzoekster en de officier van justitie. Het Openbaar Ministerie bevestigde dat de vervolging niet wordt voortgezet en gaf geen verzet tegen het verzoek. De rechtbank oordeelde dat het belang van verzoekster om duidelijkheid over het einde van de vervolging voorop staat en dat aan de voorwaarden van artikel 29f Sv is voldaan.
Daarom wees de rechtbank het verzoek toe en verklaarde dat de zaak met het betreffende parketnummer is geëindigd. De beslissing werd openbaar uitgesproken en later hersteld op 17 oktober 2023. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank verklaart dat de strafzaak tegen verzoekster is geëindigd omdat het Openbaar Ministerie de vervolging niet voortzet.