Op 17 april 2022 constateerde de gemeente Amsterdam dat de auto van eiser op een parkeerplek stond zonder dat de vereiste parkeerbelasting was betaald. Verweerder legde daarop een naheffingsaanslag op. Eiser maakte bezwaar tegen deze aanslag en voerde aan dat hij op aanwijzing van een verkeersregelaar parkeerde op een plek die volgens deze gratis was, mede omdat er geen parkeerborden of betaalautomaten in de directe omgeving waren.
De rechtbank oordeelde dat er op korte loopafstand van de parkeerplek wel degelijk een parkeerautomaat aanwezig was, wat eiser had kunnen weten bij nader onderzoek. Daarnaast verwierp de rechtbank het beroep op het vertrouwensbeginsel, omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat de verkeersregelaar een bevoegde gemeentelijke parkeercontroleur was. Hierdoor had eiser niet mogen vertrouwen op de aanwijzing van de verkeersregelaar zonder zelf nader onderzoek te doen.
Daarmee was het beroep ongegrond en bleef de naheffingsaanslag in stand. Eiser kreeg het betaalde griffierecht niet terug. De uitspraak werd gedaan door rechter K.S. Man op 29 november 2023.