Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
- [eiseres] , vergezeld door haar zoon [naam 1] ,
- mr. Oudendijk, voornoemd,
- mevrouw [naam 2] , penningmeester van de [gedaagde] ,
- mr. Yntema, voornoemd en vergezeld door twee kantoorgenoten.
Rechtbank Amsterdam
Deze zaak betreft het lidmaatschap van eiseres bij de vereniging, waarvan zij sinds 2003 lid was en tot september 2021 voorzitter van het bestuur. Het nieuwe bestuur zegde het lidmaatschap op vanwege onredelijkheid van voortzetting, gebaseerd op diverse gedragingen van eiseres, waaronder het weigeren van medewerking en het bestoken van het bestuur met juridische dreigementen.
Eiseres vorderde vernietiging van het opzeggingsbesluit, stellende dat zij onvoldoende is gehoord en dat alleen de algemene ledenvergadering over haar lidmaatschap had mogen beslissen, waarbij zij het bestuursbesluit als partijdig bestempelde en een royementsprocedure passend achtte.
De rechtbank oordeelde dat eiseres voldoende gelegenheid tot hoor en wederhoor is geboden, dat het bestuur terecht het instrument van opzegging heeft gebruikt in plaats van royement, en dat het bestuursbesluit niet onredelijk of onbillijk is. Het geschil over de afwegingen van het bestuur leidt niet tot vernietiging van het besluit.
De vorderingen van eiseres worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten. Het besluit tot opzegging van het lidmaatschap blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot vernietiging van het opzeggingsbesluit af en bevestigt het lidmaatschap is opgezegd.