Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten en het verzoek
3.De beoordeling
dat het lachen haar afleidt”) niet anders kan worden verstaan dan als blijk van vooringenomenheid jegens de (overigens niet aanwezige) cliënt van mr. Van Weers, is gesteld noch gebleken. De stelling van mr Van Weers dat de rechter “altijd tegen hem loopt te zeiken” leent zich niet voor behandeling in een wrakingsprocedure. Hiervoor kent de rechtbank een klachtenregeling.
A.W.J. Ros, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 november 2023 in tegenwoordigheid van de griffier.