Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Verloop van de procedure
2.De feiten en het verzoek
3.De beoordeling van het verzoek
“Dan wraak ik u. Ik had een oproep gekregen voor 10.15 uur. U heeft er gewoon lak aan.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
Op 7 november 2023 behandelde de wrakingskamer van de Rechtbank Amsterdam een wrakingsverzoek van vier verzoekers tegen mr. J.H.J. Evers, kantonrechter. Het verzoek volgde op een woordenwisseling tijdens een zitting waarbij de gemachtigde van verzoekers meende dat eerdere zaken onterecht waren behandeld zonder hun aanwezigheid.
De wrakingskamer onderzocht of er feiten of omstandigheden waren die de onpartijdigheid van de rechter in twijfel konden trekken, zoals vereist op grond van artikel 8:15 en Pro 8:16 van de Algemene Wet Bestuursrecht. De verzoekers hadden echter niet alle relevante feiten tijdig en volledig ter zitting voorgedragen.
De kamer oordeelde dat de rechter krachtens zijn aanstelling onpartijdig wordt vermoed, tenzij het tegendeel is bewezen. Het verzoek was niet gemotiveerd met concrete feiten die de onpartijdigheid aantasten en werd daarom als kennelijk niet-ontvankelijk afgewezen. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek was niet nodig.
De wrakingskamer wees het verzoek formeel af en stelde dat tegen deze beslissing geen rechtsmiddel openstaat.
Uitkomst: Wrakingsverzoek tegen kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan gemotiveerde feiten en niet tijdige indiening.