Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De beoordeling
- naheffing gemeente 2019 € 2.151,00;
- factuur ziekenhuis met nummer 26088916 € 169,30;
- factuur ziekenhuis met nummer 26092160 € 39,68;
- factuur ziekenhuis met nummer 26091773 € 95,51.
Rechtbank Amsterdam
Partijen zijn gehuwd sinds 11 augustus 2021 en hebben verzocht tot echtscheiding wegens duurzame ontwrichting van het huwelijk. De rechtbank wijst het verzoek tot echtscheiding toe en bepaalt dat de vrouw het huurrecht van de gezamenlijke woning krijgt.
De vrouw vordert partneralimentatie van € 1268 per maand, welke de man betwist. De rechtbank stelt vast dat er sprake is geweest van welstand tijdens het huwelijk en dat de lotsverbondenheid niet is verbroken ondanks wederzijdse beschuldigingen. De behoefte van de vrouw wordt vastgesteld op basis van de Hof-norm, waarbij haar netto besteedbaar inkomen en verdiencapaciteit van € 15.000 per jaar worden meegenomen. De draagkracht van de man wordt berekend op basis van een bruto jaarinkomen van € 59.788, rekening houdend met schulden en kortingen.
Met betrekking tot de beperkte gemeenschap van goederen wordt vastgesteld dat de gemeenschap ontbonden is per 18 maart 2022. De rechtbank kan niet vaststellen wie beschikt over bepaalde persoonlijke goederen en wijst verzoeken daartoe af. Schulden die tijdens het huwelijk zijn aangegaan worden in beginsel gelijkelijk verdeeld, tenzij uitzonderlijke omstandigheden gelden, welke hier niet zijn aangetoond. De rechtbank wijst de verdeling van schulden toe waarbij ieder voor de helft draagplichtig is voor de schulden die op de peildatum aanwezig waren.
De rechtbank bepaalt dat de man € 976 per maand aan partneralimentatie betaalt en dat ieder der partijen de eigen proceskosten draagt. Het meer of anders verzochte wordt afgewezen.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken, partneralimentatie vastgesteld op € 976 per maand en schulden gelijkelijk verdeeld.