Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.De vordering en de grondslag daarvan
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan
3.Het wederrechtelijk verkregen voordeel
enhet onderzoek ter terechtzitting. Standpunten, waaronder vooraf schriftelijk ingediende standpunten, moeten ter zitting worden herhaald om als een responsieplichtig verweer te gelden. [1] Gelet hierop is de rechtbank niet verplicht het schriftelijke standpunt van de verdediging mee te nemen in haar beoordeling.
ofdat misdrijf
ofandere strafbare feiten op enigerlei wijze ertoe hebben geleid dat de betrokkene wederrechtelijk voordeel heeft verkregen. In zo’n geval kan ook worden vermoed dat uitgaven die de betrokkene heeft gedaan in een periode van zes jaren voorafgaand aan het plegen van dat misdrijf, wederrechtelijk verkregen voordeel belichamen. Dit tenzij aannemelijk is dat deze uitgaven zijn gedaan uit een legale bron van inkomsten.
- Contante stortingen € 5.810,-
- Aankoop voertuig € 13.000,-
4.De verplichting tot betaling
5.Toepasselijke wettelijke voorschriften
6.Beslissing
€ 14.431,04 (veertienduizend vierhonderdeenendertig euro en vier cent).
[veroordeelde]de verplichting tot betaling van
€ 14.431,04 (veertienduizend vierhonderdeenendertig euro en vier cent)aan de Staat.
288 (tweehonderdachtentachtig) dagen.