Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
hierna te noemen: [gedaagde 1] .
2 [gedaagde 2] ,
3. [gedaagde 3] ,
1.De procedure
erflater).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
Erflater is op 20 januari 2017 overleden en had een testament opgesteld waarin eiser en gedaagden tot erfgenamen zijn benoemd en gedaagde 1 als executeur en afwikkelingsbewindvoerder is aangewezen. De executeur heeft de nalatenschap beheerd en is bevoegd deze te verdelen, met de verplichting om na vijf jaar rekening en verantwoording af te leggen aan de erfgenamen.
Eiser vordert dat de executeur de goederen van de nalatenschap afstaat en rekenschap geeft over het beheer, inclusief een gedetailleerde boedelbeschrijving en fiscale aangiften. De executeur erkent haar bereidheid tot rekening en verantwoording, maar bestrijdt de overige vorderingen. De rechtbank oordeelt dat de taak van de executeur op 20 januari 2022 is geëindigd en dat zij daarom verplicht is binnen acht weken na betekening van het vonnis rekenschap te geven.
De vorderingen tot afgifte van goederen worden afgewezen omdat onvoldoende duidelijkheid bestaat over de omvang en samenstelling van de nalatenschap en welke goederen reeds zijn verdeeld. De rechtbank legt een dwangsom van €250 per dag op bij niet-naleving, met een maximum van €50.000, en compenseert de proceskosten zodat partijen ieder hun eigen kosten dragen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De executeur is veroordeeld om binnen acht weken rekening en verantwoording af te leggen over de nalatenschap met een dwangsom bij niet-naleving, terwijl overige vorderingen zijn afgewezen.