ECLI:NL:RBAMS:2024:2064
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging kostenbeding in overeenkomst van opdracht wegens oneerlijkheid
In deze civiele zaak stond de geldigheid van een kostenbeding in een overeenkomst van opdracht centraal. De kantonrechter heeft ambtshalve beoordeeld of het kostenbeding en de algemene voorwaarden oneerlijk zijn, waarbij het uurtarief van €175 als kernbeding werd aangemerkt. Gelet op de richtlijn oneerlijke bedingen en een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie uit januari 2023, werd het kostenbeding als oneerlijk beschouwd en vernietigd.
Daarnaast werd ook het beding over buitengerechtelijke kosten in de algemene voorwaarden als oneerlijk aangemerkt en vernietigd. Partijen kregen de gelegenheid zich hierover uit te laten, maar maakten hier geen gebruik van. Door de vernietiging van het kostenbeding geldt dat dit beding de gedaagde niet bindt en dat de gehele overeenkomst vervalt, omdat een overeenkomst van opdracht zonder loon niet kan bestaan.
De kantonrechter oordeelde dat de vernietiging van de overeenkomst geen nadelige gevolgen heeft voor de gedaagde en dat er geen grond is voor toewijzing van enige betaling aan de eiser. De vordering tot betaling van de advocatendeclaratie werd daarom afgewezen en de eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van de advocatendeclaratie wordt afgewezen wegens vernietiging van het kostenbeding.