Op 15 december 2022 werd verdachte staande gehouden met €10.000 contant geld, waarvan het witwassen werd bewezen. Tijdens een doorzoeking van zijn winkel werd 14,3 kilo heroïne aangetroffen, waarvan verdachte werd veroordeeld voor het opzettelijk aanwezig hebben hiervan. De aanwezigheid van 0,04 gram cocaïne kon niet worden bewezen, waardoor verdachte daarvoor werd vrijgesproken.
De rechtbank oordeelde dat verdachte wetenschap en beschikkingsmacht had over de heroïne, ondanks zijn verklaring dat een ander de drugs in de winkel had geplaatst. De witwasverklaring van verdachte werd niet bevestigd door de betrokken derde, en de omstandigheden wezen op criminele herkomst van het geld.
De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte een first offender is en dat er een laag risico op recidive is. Gezien de ernst van de feiten en de omvang van de heroïne werd een gevangenisstraf van 30 maanden opgelegd, met aftrek van voorarrest. Daarnaast werd €10.000 verbeurd verklaard en de drugs onttrokken aan het verkeer.